
<!– B1:task –>
De sectoronderzoek-agent doorlicht een sector of een nieuwe markt voordat jij erin stapt. Hij brengt vier dingen in kaart: wie de spelers zijn, waar jij in de keten zou zitten, welke regelgeving die keten stuurt, en op welk moment een koper beslist. Geen marktrapport dat je leest en wegtegt. Een gestructureerde eerste doorlichting, met bron per bewering, die je meeneemt naar het eerste echte gesprek met iemand uit die markt.
<!– B2:problem –>
Reken het zelf uit. Tel de uren die iemand in jouw team nu kwijt is aan het handmatig verzamelen van spelersoverzichten, brancheverenigingen doorzoeken, jaarverslagen scannen en regelgeving uitpluizen voor er één koopgesprek is gevoerd. Vermenigvuldig dat met de eigen volgeladen uurkost van die persoon. Dat is de prijs van vandaag, niet van een tool die je nog moet kopen.
Het patroon dat de kost opdrijft, is niet het gebrek aan informatie. Sectorinformatie ligt overal: op websites van brancheorganisaties, in jaarverslagen, in toezichthouderpublicaties, in nieuwsarchieven. Het probleem is dat niemand die bronnen in één beweging naast elkaar legt en bijhoudt welke bewering uit welke bron komt. Een productmanager die “de markt” wil begrijpen, opent tien tabbladen, plakt fragmenten in een document, en vergeet na een week welke zin van de toezichthouder kwam en welke uit een leverancierswebsite. Tegen de tijd dat het overzicht af is, mist het de bronverwijzing die het bruikbaar maakt in een boardgesprek.
Illustratief, met een invulgetal dat van jou moet komen: stel dat een sectorverkenning nu acht uur kost aan zoeken, lezen en samenvatten, verdeeld over twee mensen. Dat is 16 uur. Maal je eigen uurkost bepaal je zelf wat die verkenning je kost, voordat er één koopgesprek is gevoerd. Dat bedrag is de prijs van ongestructureerd zoeken, niet van de sector zelf.
<!– B3:diagnose –>
Ga je een sector in waarin je zelf geen netwerk hebt, en begin je daardoor bij nul in plaats van bij een bestaand overzicht?
Kun je vandaag uit het hoofd de drie tot vijf grootste spelers in die sector noemen, mét hun positie in de keten ten opzichte van jou?
Weet je welke regelgeving die sector specifiek stuurt, en wanneer die voor het laatst is aangepast?
Als je vijf recente aanbestedingen of inkooptrajecten uit die sector zou opzoeken, zou je dan kunnen zeggen op welk moment in het jaar of het proces die koopbeslissing echt viel?
<!– B4:approach –>
De agent werkt in vier stappen op een vaste trigger: jij geeft een sector of marktnaam en je eigen positie erin op — leverancier, dienstverlener, potentiële toetreder.
Eerst inventariseert hij spelers: wie zijn de grootste aanbieders, wie de grootste afnemers, en wie zit ertussenin. Hij haalt dit uit openbare bronnen: kamer-van-koophandelregisters, brancheverenigingen, jaarverslagen, sectorpublicaties van banken en toezichthouders. Elke naam krijgt een bron en een datum.
Daarna bepaalt hij ketenposities: wie zit waar tussen grondstof of aanbesteding en eindklant, en waar zitten de knelpunten die typisch tot een koopmoment leiden. Vervolgens verzamelt hij regelgeving: welke wetten, vergunningsplichten of brancherichtlijnen die keten sturen, en wanneer die voor het laatst wijzigden. Tot slot legt hij koopmomenten bloot: seizoenspatronen, budgetcycli, aanbestedingskalenders, momenten waarop een organisatie in die sector typisch een leverancier zoekt.
De beslisregel is simpel en niet onderhandelbaar: elke bewering krijgt een bron en een type. Een gemeten cijfer — uit een CBS-publicatie, een jaarverslag, een toezichthouderrapport — krijgt het label “gemeten, bron X, jaar Y”. Een claim van een leverancier, een branchevereniging met eigen belang, of een marketingpagina krijgt het label “vendorclaim, ongecontroleerd”. Vindt de agent geen bron voor een bewering die relevant lijkt, dan meldt hij het gat expliciet in plaats van de bewering toch op te nemen. Dit is PRAL. Perceive is de vraag plus de openbare bronnen. Reason is het sorteren naar spelers, keten, regelgeving en koopmoment. Act is het gelabelde overzicht. Learn is jouw correctie op wat de agent over het hoofd zag of verkeerd labelde.
Escalatie is hier geen uitzondering op een fout, het is het ontwerp. Op het moment dat het overzicht klaar is, gaat het altijd naar een mens die de sector kent of gaat leren kennen. De agent classificeert bronnen, hij beoordeelt geen markt.
<!– B5:data –>
Deze agent werkt overwegend met openbare bronnen. Maar het instructieblok hieronder vraagt je vaak om je eigen positionering, klantsegmenten of een concept-waardepropositie mee te geven, zodat de output relevant wordt voor jouw situatie. Dat is bedrijfsdata, ook als de bronnen zelf openbaar zijn.
Gebruik een zakelijk abonnement van je LLM-leverancier, geen consumentenaccount. Controleer of er een verwerkersovereenkomst ligt voor je iets van je eigen positionering of klantinformatie meegeeft. Vervang klantnamen door rollen — Klant A, Segment B — als je eigen klantgegevens als context nodig zijn. Weet in welke regio de verwerking plaatsvindt. Bewaar het concept-overzicht niet langer dan de duur van je verkenning en verwijder het daarna, zeker als het nog ongevalideerde aannames over jouw eigen strategie bevat.
<!– B6:ai-instruction –>
“` Je bent sectoronderzoeker. Ik geef je een sector of markt en mijn eigen positie erin. Doorloop deze stappen in volgorde en verzin geen bron.
- Noem drie tot vijf grote spelers in deze sector en hun positie in de keten
ten opzichte van mij. Geef bij elke naam een bron en, indien bekend, een jaar.
- Beschrijf de ketenpositie waarin ik zou vallen en welke knelpunten daar
typisch een koopmoment veroorzaken.
- Noem de regelgeving die deze sector specifiek stuurt, inclusief het jaar van
de laatste relevante wijziging voor zover je dat kunt onderbouwen.
- Beschrijf koopmomenten: seizoenspatronen, budgetcycli, aanbestedingskalenders.
- Label elke bewering in stap 1 tot en met 4 als “gemeten, bron, jaar” of als
“vendorclaim, ongecontroleerd”. Geen derde categorie, geen bewering zonder label.
- Sluit af met een lijst van gaten: wat je niet met een bron kon onderbouwen,
en wat ik dus zelf moet natrekken of navragen bij iemand uit de sector.
Zeg expliciet welke onderdelen je alleen kon invullen met een vendorclaim, en waar je geen bron vond. “`
<!– B7:boundary –>
Deze agent vervangt geen klantgesprek. Deskresearch vertelt je wat publiek bekend is over spelers, keten, regelgeving en koopmomenten. Het vertelt je niet of een specifieke koper morgen koopt, of waarom een aanbesteding vorig jaar naar een concurrent ging. Het vertelt je ook niet welke informele afspraak twee partijen in die keten al jaren aan elkaar bindt. Die kennis zit bij mensen, niet in openbare bronnen. Gebruik het overzicht van de agent als voorbereiding op het eerste gesprek met iemand uit die markt, niet als vervanging ervan. Hoort jouw vraag eigenlijk bij “gaat deze markt over vijf jaar nog bestaan zoals ik hem nu zie”, dan is dat geen deskresearchvraag maar een scenariovraag, en dan begin je niet hier.
<!– B8:links-cta –>
Werk je al in een keten met veel schakels, lees dan logistiek. Daar staat hoe dezelfde ketenlogica op een lopend TMS en WMS wordt gelegd, en hoe ketenpositie zich vertaalt naar sturend inzicht. Een sectordoorlichting vertelt je wat nu waar is, niet wat over twee jaar waar zal zijn. Zodra je de markt van vandaag in kaart hebt, is trends en onzekerheid de volgende stap, want daar staat welke signalen een andere toekomst aankondigen. Wil je eerst begrijpen hoe een agent zich verhoudt tot de assistent die je al gebruikt, lees dan de pillar over agentic werken. Ik kijk liever met je mee naar een sector die je vandaag overweegt dan dat ik je een generiek marktrapport stuur. Ik plan graag een gesprek in waarin we samen een eerste gelabelde sectordoorlichting van jouw markt opstellen.